Sman Business Value Blog

Betalen voor SNS REAAL?

Door de nationalisatie van SNS Reaal in februari 2013 raakten aandeelhouders en achtergestelde obligatiehouders van SNS Reaal hun stukken kwijt. Die werden onteigend door de Nederlandse Staat. De Staat kon dat doen op basis van de destijds recent in werking getreden Interventiewet. Deze wet bepaalt verder dat de minister van Financiën namens de Staat aan onteigende effectenbezitters een schadevergoeding moet aanbieden voor de bezittingen die hen ontnomen zijn.

In het geval van SNS, de eerste keer dat de Interventiewet werd ingezet, besloot Minister van Financiën Dijsselbloem om effectenbezitters nul euro aan schadevergoeding aan te bieden. Dat aanbod is vorig jaar ter beoordeling voorgelegd aan de Ondernemingskamer van het gerechtshof Amsterdam. In deze procedure is Sman Business Value opgetreden als adviseur van een elftal advocatenkantoren dat de belangen van (voormalige) eigenaren van effecten en overige vermogensbestanddelen behartigt. In opdracht van deze partijen hebben wij een beoordeling gegeven van de gehanteerde waarderingsmethodieken en uitgangspunten die ten grondslag liggen aan het aanbod tot schadeloosstelling (de geboden schadeloosstelling bedroeg nihil) door de minister van Financiën.

Tussenuitspraak Ondernemingskamer

De Ondernemingskamer heeft op 11 juli 2013 een tussenuitspraak gedaan in deze procedure. De Ondernemingskamer concludeerde dat het aannemelijk is dat het aanbod van de minister van Financiën geen volledige vergoeding vormt van de schade die door de rechthebbenden was geleden. Drie nog te benoemen deskundigen moesten de werkelijke waarde van de onteigende effecten en vermogensbestanddelen vaststellen, onmiddellijk voorafgaand aan de onteigening. Daarmee was de Ondernemingskamer het eens met de strekking van ons advies aan rechthebbenden en gloort er hoop voor de beleggers die door de onteigening waren getroffen.

De Staat is echter in cassatie gegaan tegen de uitspraak van de Ondernemingskamer. In deze cassatieprocedure heeft advocaat-generaal Timmerman recentelijk de Hoge Raad geadviseerd om de uitspraak van de Ondernemingskamer in de SNS-zaak te vernietigen. De advocaat-generaal is lid van het parket bij de Hoge Raad.[1] In de tussenuitspraak van 11 juli 2013 heeft de Ondernemingskamer een aantal maatstaven geformuleerd die de nog te benoemen waarderingsdeskundigen in acht zouden moeten nemen. Volgens het advies van de advocaat-generaal moet op bepaalde punten opnieuw worden beoordeeld of de Staat schadevergoeding moet betalen aan de voormalige aandeelhouders van SNS en andere belanghebbenden. De advocaat-generaal meent bovendien dat de Ondernemingskamer ten onrechte op voorhand heeft aangenomen dat de Staat schadevergoeding dient te betalen. Daarbij speelt onder andere een rol dat de Ondernemingskamer volgens het advies een verkeerde betekenis heeft toegekend aan de beurskoers van SNS vlak voor de datum van onteigening. Ook is hij van mening dat een mogelijk onvoldoende toelichting door de minister op het bod tot schadevergoeding geen gewicht in de schaal mag leggen bij het beantwoorden van de vraag of de Staat op voorhand een schadevergoeding dient te betalen aan de onteigende aandeelhouders en andere belanghebbenden. In het advies komen verschillende andere kwesties aan de orde. Zo stelt de advocaat-generaal dat de Ondernemingskamer onvoldoende heeft toegelicht waarom bepaalde schuldeisers die een beroep konden doen op de aansprakelijkheidsverklaring van SNS Reaal (de ‘403-verklaring’), een lagere rang kregen dan de overige schuldeisers van SNS Reaal.

Oordeel Hoge Raad

De Hoge Raad zal naar verwachting over enkele maanden een oordeel vellen over de zaak. De Raad hoeft het advies van de advocaat-generaal niet op te volgen, maar vaak gebeurt dat wel. Hoe de uitkomst ook uitvalt, de zaak zal worden terugverwezen naar de Ondernemingskamer. Indien de Hoge Raad de cassatie van de minister afwijst zullen overeenkomstig de eerdere uitspraak deskundigen worden benoemd. Volgt de Hoge Raad het advies van de advocaat-generaal, dan zal de Ondernemingskamer het aanbod van de minister tot schadeloosstelling opnieuw moeten beoordelen. Daarbij moet in acht genomen worden wat de Hoge Raad daarover zal bepalen.

VEB

De Vereniging van Effectenbezitters (VEB) is één van de partijen die gedupeerde aandeel- en obligatiehouders bijstaat. In een reactie op het advies van de advocaat-generaal heeft de VEB laten weten dat zij op voorhand geen reden ziet om te vrezen dat dit tot lagere compensatie van aandeelhouders en achtergestelde obligatiehouders zal leiden. De VEB heeft er vertrouwen in dat de Ondernemingskamer onafhankelijke onderzoekers zal benoemen die in deze zaak alsnog hun werk kunnen doen. Wel betreurt de VEB dat de recente ontwikkelingen voor nieuwe vertraging zorgen. Bijna twee jaar na dato weten aandeelhouders nog altijd niet wat de waarde is van hetgeen hen is ontnomen.
[1] Het parket bij de Hoge Raad is een zelfstandig, onafhankelijk onderdeel van de rechterlijke organisatie.

 




Guido Rooijackers

Geschreven door Guido Rooijackers

Indien u meer informatie wilt over dit onderwerp, kunt u contact opnemen met Guido Rooijackers. Hij is bereikbaar via e-mail en +31 (0)20 3338630.

Guido Rooijackers (1970) is financiële bedrijfseconoom, register controller en register valuator. Guido Rooijackers treedt veelvuldig op als (gerechtelijk) deskundige op het gebied van ondernemingswaardering en economische schadebepaling, onder andere voor de Ondernemingskamer van het gerechtshof Amsterdam.
Meer over Guido Rooijackers >